TheorieŽn van de cultuurgeschiedenis
   
Referentie AMPOOL00000001
Wordt gegeven in Master in de vergelijkende moderne letterkunde
Master in de historische taal- en letterkunde
Master in de historische taal- en letterkunde
Master in de kunstwetenschappen
Master in de kunstwetenschappen
Theorie (A) 30.0
Toepassingen (B) 15.0
Stages en scriptie (C) 0.0
Studietijd (D) 150.0
Studiepunten (E) 5
Niveau  
Creditcontract? Toelating mogelijk mits gunstige beoordeling competenties
Examencontract? Dit opleidingsonderdeel kan niet gevolgd worden via dit soort contract
Creditcontract verplicht bij Examencontract? Apart creditcontract verplicht
Tweede examenkans mogelijk in geval van niet-periodegebonden evaluatie? Ja
Onderwijstaal Nederlands
Verantwoordelijk lesgever Jurgen Pieters
Vakgroep LW10
Medelesgevers  
Sleutelwoorden

Cultuurgeschiedenis, vroegmoderne tijd, cultuurfilosofie

Situering

Deze cursus beoogt een overzicht van twintigste-eeuwse vormen van cultuurhistorisch onderzoek en van de concepten en methodologische principes die dat onderzoek ondersteunen. De focus van de cursus zal liggen op de vroegmoderne tijd (16e-17e eeuw). De student wordt vertrouwd gemaakt met het werk van een aantal belangrijke denkers die de voorbije decennia als belangrijke inspiratiebronnen op de voorgrond zijn getreden, alsook met de concrete werkwijze die het werk van elk van deze 'inspiratoren' heeft geïnstitutionaliseerd.

Inhoud

In deze cursus gaan we in op het werk van een aantal vooraanstaande denkers die zich in hun geschriften hebben gebogen over de vroegmoderne periode in de westerse cultuurgeschiedenis. De belangrijkste denkers die aan bod komen zijn: Ernst Cassirer, Walter Benjamin, Mikhaïl Bakhtin, Johan Huizinga, Michel Foucault, Michel de Certeau, Raymond Williams, Hans Blumenberg, Carlo Ginzburg en Stephen Greenblatt.

Begincompetenties

De student(e) is vertrouwd met de beginselen van het cultuurhistorisch onderzoek en heeft tevens inzicht verworven in de concrete analyse van kunstwerken en in het historisch functioneren daarvan in een culturele context

Eindcompetenties

- vertrouwd zijn met het denken van een aantal vooraanstaande cultuurfilosofen
- verschillende visies op de vroegmoderne periode met elkaar kunnen confronteren
- een cultuurhistorische analyse kunnen doorgronden en analyseren
- verbanden kunnen leggen tussen de bestudeerde periode en het culturele moment waarin ze wordt bestudeerd
- kritisch kunnen omgaan met vaak terugkerende concepten en verklaringsmodellen

Leermateriaal

Geraamde totaalprijs: 5.0 EUR
Syllabus met reader van wetenschappelijke teksten en analysemodellen

Referenties

Vakinhoudelijke studiebegeleiding

Werkcolleges met gelegenheid tot het stellen van vragen en discussiemomenten

Didactische werkvorm

Deels hoorcolleges, deels werkcolleges. Bespreking van teksten uit de tekstbundel.

Evaluatievorm

Permanente evaluatie (voorbereidende opdrachten: wekelijkse lectuur van teksten, en deelname aan de discussie), en periodegebonden een afsluitend mondeling examen.

Ondervragingsvorm

Mondeling examen over individuele lectuur

  Naar het hoogste niveau van de site Ga naar de algemene informatie Ga naar de help-pagina's Ga naar de zoekpagina's Engelse versie / English version Terug naar de vorige pagina Terug naar de hoofding van deze pagina