Studiekiezer Universiteit Gent

Master in de Oost-Europese talen en culturen

Studieomvang 60 studiepunten
Opleidingsprogramma's
Wat | Voor wie | Waarheen | Opbouw

De opleiding in de Oost-Europese talen en culturen is, zoals het woord zegt, een ‘talen- en culturenstudie’. Dat houdt in dat je talen studeert om culturen beter te kunnen doorgronden. Daarom wordt – naast de studie van het Russisch, enkele andere moderne Slavische talen, en de economie en geografie van Oost-Europa – ook veel aandacht besteed aan het Oudslavisch, en de (cultuur)geschiedenis en literatuur van Rusland, Centraal- en Zuidoost-Europa.
De opleiding Oost-Europese talen en culturen biedt een breed programma waarin, naast de studie van twee Slavische talen, ook plaats is ingeruimd voor geschiedenis, literatuur, cultuur, economie en geografie van Oost-Europa. Centraal in de opleiding staat de intensieve, theoretische en praktische studie van de belangrijkste Oost-Europese taal, het Russisch, waarmee in het eerste jaar wordt gestart. In het tweede jaar wordt, via majoronderdelen, de studie van een tweede moderne Oost-Europese taal, met name Pools, Tsjechisch, Sloveens, Kroatisch/Servisch of Bulgaars aangevat. Ten slotte verdiept de student zich in alle jaren van de bachelor in de studie van het Oudslavisch, de internationale cultuurtaal van de Slavisch-orthodoxe wereld van de middeleeuwen tot aan de Moderne Tijden.

top

> Rechtstreeks:
   • Ba Oost-Europese talen en culturen

> Via voorbereidingsprogramma:
   33 studiepunten
   • Ba toegepaste taalkunde

Let wel: bachelors in de toegepaste taalkunde met vooropleiding Russisch kunnen enkel de major Russisch en een tweede moderne Oost-Europese taal volgen, terwijl bachelors in de toegepaste taalkunde met vooropleiding Tsjechisch of Pools enkel de major Centraal-Europakunde kunnen kiezen.

top

De traditionele afzetmarkt voor afgestudeerden uit deze opleiding is het onderwijs en het wetenschappelijk onderzoek. Als leraar zijn er – weliswaar beperkte – mogelijkheden in het hogeschoolonderwijs en aan de universiteit. Losse taalleergangen en permanente vorming bieden ook mogelijkheden voor wie geïnteresseerd is in onderwijs. Daarnaast zijn er het wetenschappelijk onderzoek aan de universiteit, het bibliotheekwezen, de gespecialiseerde musea, specifieke studiediensten enz.
Onder invloed van de veranderingen in Oost-Europa is de werkgelegenheid voor slavisten de laatste jaren aanzienlijk toegenomen. Nieuw is bijvoorbeeld de belangstelling van het bedrijfsleven voor Oost-Europa-specialisten. Slavisten worden gerekruteerd om handelsmissies te ontvangen en te begeleiden, om goede handelscontacten te smeden, in het bankwezen … Vaak vragen bedrijven hen om privélessen te geven aan kaderleden om zo betere zaken te kunnen doen met het voormalige Oostblok.
Ook de job van vertaler en van tolk wordt alsmaar vaker aangeboden.

Door de studie in uiteenlopende domeinen krijgt de student slavistiek een heel algemene opleiding, die de toegang tot de arbeidsmarkt vergemakkelijkt. Uiteraard zal hij/zij voor een aantal algemene functies concurrentie ervaren van andere academici. Ook voor bepaalde gespecialiseerde opdrachten zullen afgestudeerden soms wedijveren met bijvoorbeeld vertalers en tolken. Vergeet echter niet dat een loopbaan vandaag sterk afhankelijk is van je persoonlijkheid, van uitgesproken interesses, sociale vaardigheden, talenkennis …

top

De opbouw van het programma gaat uit van het cultuurhistorisch gegeven van de aanwezigheid van drie duidelijk geprofileerde historische en cultuurhistorische gebieden, met name Rusland, Centraal-Europa en Zuidoost-Europa. Tijdens de gehele opleiding wordt voor elk van die gebieden in specifieke opleidingsonderdelen de geschiedenis, de cultuurgeschiedenis en de literatuurgeschiedenis behandeld, met de nadruk op de 19de en vooral de 20ste eeuw. Daarbij komen ook de niet-Slavische volkeren in elk van de gebieden aan bod. De opleiding wordt vervolledigd door een aantal meer algemene opleidingsonderdelen, waarin de aandacht uitgaat naar de geografie, politieke structuren en economische ontwikkelingen in Oost-Europa.
In de eenjarige master ligt de nadruk op specialisatie, verdieping en persoonlijk wetenschappelijk werk. De vier pijlers van de bachelor, nl. de drie specifieke cultuurgebieden en het Oudslavisch, worden hier vertaald naar verschillende majors:
- Russisch en een tweede moderne Oost-Europese taal
- Slavische filologie
- Zuidoost-Europakunde
- Centraal-Europakunde

De student kiest één van de vier majors, afhankelijk van zijn interesse en invulling van de bachelor. Het spreekt voor zich dat de gekozen specialisatie nauw samenhangt met de keuze van het onderwerp voor de masterproef.
In de major Russisch en een tweede moderne Oost-Europese taal staan de Russische taal en cultuur centraal, maar is ruimte voorzien om de studie verder te zetten van een tweede Oost-Europese taal die werd aangevat in de bachelor. Het Russisch blijft ook een belangrijk onderdeel in de major Slavische filologie, waar de student zich verder kan specialiseren in de schriftcultuur en de literatuur van de Slavische middeleeuwen, en in kunst en cultuur van Byzantium en de Slavisch-orthodoxe wereld. In de majors Zuidoost-Europakunde en Centraal-Europakunde gaat alle aandacht naar de taal en de cultuur van de gekozen regio.
In alle majors is ruimte voor keuzeonderdelen, zodat de minor uit de bachelor eventueel kan worden verdergezet.

top
Opleidingen
| contact studieloopbaanadvies |

©2004-2010. Universiteit Gent - acs@UGent.be - Disclaimer